Tweede Natuur

De tentoonstelling Tweede Natuur is het vervolg op mijn gelijknamige afstudeerproject. In Kasteel Groeneveld een expositie inrichten bood niet alleen de kans de foto’s te tonen van maandenlang onderzoek naar ruïnes in Europa, maar vooral ook de kans te laten zien wat er zou kunnen gebeuren met dit fantastische, historische en vooral geliefde gebouw. Wat als de mens zich terug trekt en het kasteel aan haar lot overlaat? Wat voor een prachtige ruïne zou hier kunnen ontstaan, en hoe?

Drie levensgrote ‘kijkdozen’ bieden een blik in de toekomst; de eerste kijkdoos toont een beeld van Kasteel Groeneveld na 10 jaar verwaarlozing, de tweede kijkdoos blikt de andere kant op en toont de ruimte hoe deze erbij zou kunnen liggen over vijftig jaar. De laatste kijkdoos biedt een blik in de toekomst over 200 jaar, als het gebouw volledig is overwoekerd.

Stel dat Kasteel Groeneveld aan zijn lot overgelaten zou worden. Geen bezoekers, geen onderhoud – geen mens kijkt nog om naar het monumentale pand. Wat gebeurt er dan? Na tien jaar laat de tijd al duidelijk haar sporen achter. Het glas in de ramen is grotendeels kapot, de kozijnen beginnen langzaam te rotten, het pleisterwerk pelt van de muren. Vocht, wind en vorst krijgen langzaam vat op de ruimtes, en zetten een trage metamorfose in werking.

Het resultaat is een hybride tussen menselijk bouwwerk en natuur, en drager van een complexe hoeveelheid veranderlijke ecologische habitats. Het gebouw wordt een bijzondere bestemming, waarbij zijn ‘tweede natuur’ op elk moment in de tijd een nieuwe aanblik biedt.

Alle fasen van de metamorfose hebben hun eigen kwaliteit: in het begin zal het fascinerend zijn om de snelle groei van de planten en bomen gade te slaan. Naarmate de tijd verder vordert komt er een omslagpunt, dat per ruimte anders is, en volgt het besef dat de natuur het gebouw definitief overneemt.

Na twee eeuwen is het kasteel grotendeels overwoekerd; de muren zijn poreus geworden, en de natuur heeft zich op de meest onconventionele wijze meester gemaakt van het gebouw. Het gebouw en de verwildering vormen en beïnvloeden elkaar, zijn onlosmakelijk met elkaar verweven in een proces dat geen eindpunt kent.

Het resultaat is een tentoonstelling die een andere zienswijze mogelijk maakt. Een blik op onze gebouwde omgeving en onze omgang met tijd die niet gaat over rendement, maar over een andere kwaliteit. De Volkskrant beloonde de tentoonstelling met vijf sterren en Kirsten Hannema schreef er een mooie recensie over: ‘Door de tand des tijds ontstaat er iets geweldigs’. Hannema concludeert:

De waarde van deze expositie schuilt in de wijze waarop de rol van tijd en geld in de architectuur worden bevraagd. Voor architecten draait het doorgaans om het moment van oplevering: een stralend nieuw gebouw op een strak getrimd gazon. Alles wat dat perfecte beeld verstoort, wordt als ongewenst bestempeld. Schubert laat zien dat wanneer je de tand des tijds toelaat, iets geweldigs kan ontstaan, al is het eindbeeld onbepaald. Een verdienmodel kent deze strategie niet. Een ruïne heeft wel belevingswaarde, maar geen vastgoedwaarde en uiteindelijk blijft er niets van over. Je zou Schubert gebrek aan realiteitszin kunnen verwijten, maar deze expositie bewerkstelligt het omgekeerde: hij doet je twijfelen aan het huidige rendementsdenken.

De tentoonstelling is mede mogelijk gemaakt door het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en de hulp en organisatie van Kasteel Groeneveld.

9 maart 2018

Gerelateerd